Gelderse IJssel
Gelderse IJssel

2006 Gelderse IJssel NederRijn.

De zoon van de schipper had de vlet met vrienden naar Friesland gebracht. Niet via de Randmeren, zoals de schipper het zou doen, maar via de kortste weg over het IJsselmeer. De schipper ging met zijn echtgenote via de Gelderse IJssel, Neder-Rijn, Lek en Hollandse IJssel terug.

Ijssel
Ijssel
Zwarte water
Zwarte water


De Gelderse IJssel is een smalle, diep ingesneden rivier die vrij afstroomt vanaf Arnhem naar Kampen naar het IJsselmeer. Het is een levendige rivier met veel bochten en met wilgen, riet en biezen begroeide oevers. Vanaf de IJsselkop stroomt de rivier langs de stuwwal de IJsselvallei in die aan de westkant wordt begrensd door het Veluwemassief en oostelijk door de hogere gronden van het Salland. Na Zwolle gaan de gronden over in een lager gelegen, open veengebied, met aan weerszijden van de IJssel hoger gelegen en smalle oeverwallen.

Wijk bij Duurstede
Wijk bij Duurstede
Ijsselkop
Ijsselkop

De Neder-Rijn/Lek heeft eenderde van de omvang van de Waal. Een belangrijk kenmerk van deze rivier is dat deze gestuwd is. De uiterwaarden zijn in het oosten relatief smal en worden stroomafwaarts steeds smaller. Het merendeel van de uiterwaarden wordt gebruikt voor agrarische doeleinden, zoals hooiland of weidegebied. In het oostelijk deel komt meer recreatie rondom de rivieren voor dan in het westelijke stroomgebied van de rivier. De noord- en zuidkant van de Neder-Rijn/Lek verschillen van elkaar. Aan de noordkant stroomt de Neder-Rijn in het oostelijk deel langs de Veluwse Heuvelrug. Dit gebied kent een kleinschalig, afwisselend open landschap met meerdere besloten natuurgebieden. De zuidkant wordt vaker gebruikt voor landbouw en heeft daarmee een opener en landelijker karakter. In het gebied komen oeverwallen, kommen en beboste stuwwallen voor. De dijken worden intensief beweid, soms liggen er wegen op en een enkele keer historische bebouwing (voornamelijk langs de Lek). Voorbij Vianen moet je rekening houden met de invloeden van eb en vloed vanuit Rotterdam. Wij hadden ter hoogte van Krimpen aan de Lek 1 mijl stroom tegen en een verval van 1,5 meter. Op de Lek was meer scheepvaart dan op de IJssel of Neder-Rijn.De uiterwaarden van de IJssel zijn hooggelegen. Tot Deventer zijn de uiterwaarden vrij breed. Het gebied wordt gekarakteriseerd door kastelen, buitenhuizen en boerderijen. Het landschap bestaat uit weiden, akkers, heggen, bosjes en bomenlanen. Na Deventer worden de uiterwaarden smaller en krijgen ze een meer open karakter. De lengte van de IJssel is ongeveer 125 km. De voornaamste plaatsen aan de IJssel zijn Zwolle, Zutphen, Deventer en Kampen. Historische stadjes aan de IJssel zijn ook Doesburg en Hattem.

De Gelderse IJssel wordt druke bevaren. Het is een voortdurend goed opletten en zowel de tegemoetkomende scheepvaart als de oplopers in gaten blijven houden. Het drukst bevaren gedeelte ligt tussen de IJsselkop en de monding van het Twentekanaal. Op de IJssel geld een afwijking op de stuurboordwalregel: hier moet meegewerkt worden aan het zogenaamde blauwe bord varen. Als de tegen de stroom opvarende vaart een blauw bord toont, is dat het teken dat men de bakboordzijde van het vaarwater aan wil houden. De met de stroom meevarende vaart MOET medewerking verlenen aan dit verzoek en voorrang verlenen. In dit geval mag de met de stroom mee varende vaart dus geen rechten ontlenen aan het varen langs de stuurboordwal. Helaas werden wij een aantal keren gedwongen door afvarende medewatersporters om ruimte te maken aan hun stuurboordswal. Na langdurige regenval kan de IJssel snel stromen. Tijdens onze vakantie hadden we een hoop regen gekregen. Voorbij Deventer hadden we 2 mijl stroom tegen. Door het drukke scheepvaartverkeer is het niet mogelijk om tussen de kribben veilig te ankeren. De afgedamde IJsselarm bovenstrooms van Doesburg biedt goede ankerplekken. In ondiepe inhammen en kleine haventjes moet je rekening houden met de zuiging van langsvarende schepen.



Op weg naar Hattem werden we gevolgd door een windhoos. Indrukwekkend om te zien hoe de slurf steeds van vorm veranderde. Gelukkig bleef hij uit de buurt van ons vandaan.